Citaat | Hoge Raad 23 november 2018
Onder 6.31. Hoge Raad 23 november 2018
Een alinea uit Hoge Raad 23 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2047.
Nadat het Haagse hof bij tussenarrest van 23 juni 2009 had geoordeeld dat behoudens tegenbewijs [verweerder] was geslaagd in het bewijs dat de door [eiser] gewraakte passage voldoende grondslag vond in het feitenmateriaal en die procedure op verzoek van [eiser] werd geroyeerd, heeft [verweerder] getracht in der minne schadevergoeding te verkrijgen. Toen dat niet lukte, heeft hij tien maanden later, op 23 april 2010, [eiser] gedagvaard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a44ccf24577d01a88b1e1ac962e123a839fdceee0552352828ee76fa8319f59f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a44ccf24577d01a88b1e1ac962e123a839fdceee0552352828ee76fa8319f59f, en de alinea staat in dat document op bytes 24588 tot 25040.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a44ccf24577d01a88b1e1ac962e123a839fdceee0552352828ee76fa8319f59f | shasum -a 256