Citaat | Hoge Raad 16 november 2018

Onder 5.2.3 Hoge Raad 16 november 2018

Een alinea uit Hoge Raad 16 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2112.

Een lasthebber die in eigen naam in rechte optreedt ten behoeve van een ander (de lastgever), is niet gehouden in de dagvaarding of anderszins te vermelden dat hij ter behartiging van de belangen van een ander optreedt. Eerst indien het verweer van de wederpartij daartoe aanleiding geeft, zal de lasthebber moeten stellen en zo nodig bewijzen dat hij uit hoofde van lastgeving bevoegd is in eigen naam ten behoeve van de rechthebbende op te treden. Deze regel geldt ook voor het hoger beroep. (Vgl. onder meer HR 26 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP9665, rov. 3.3; HR 15 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK0874, rov. 3.5.1; en HR 26 februari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK4995, rov. 4.4.2).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c93ae9aad42d7cecd3c55f1824f7f6ae2226bb47373ba7cc10330019899cec96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c93ae9aad42d7cecd3c55f1824f7f6ae2226bb47373ba7cc10330019899cec96, en de alinea staat in dat document op bytes 24548 tot 25243.