Citaat | Hoge Raad 23 november 2018
Onder 3.1 Hoge Raad 23 november 2018
Een alinea uit Hoge Raad 23 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2189.
(ix) Bij e-mail van 19 februari 2014 en, onder verwijzing naar deze e-mail, bij aangetekende brief van 1 augustus 2016 hebben de curatoren op grond van de art. 54 en 235 Fw jegens Rabobank aanspraak gemaakt op alle door derden gedane betalingen op een aantal door de EC-vennootschappen bij Rabobank aangehouden bankrekeningen vanaf het moment waarop Rabobank niet meer te goeder trouw was in de zin van deze bepalingen, voor zover die betalingen geen betrekking hebben gehad op aan Rabobank (stil) verpande vorderingen. In de brief berekenen de curatoren het totaal van deze betalingen op een bedrag van € 17.109.142,80.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41b7b1a8af5aaa0f30858ff9fe3b3b5022605c64d3369fbf3641dc72160ab0bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41b7b1a8af5aaa0f30858ff9fe3b3b5022605c64d3369fbf3641dc72160ab0bc, en de alinea staat in dat document op bytes 13097 tot 13732.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41b7b1a8af5aaa0f30858ff9fe3b3b5022605c64d3369fbf3641dc72160ab0bc | shasum -a 256