Citaat | Hoge Raad 14 december 2018
Onder 3.6.1 Hoge Raad 14 december 2018
Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2305.
De vraag is of de vervaltermijn van drie maanden van art. 7:686a lid 4, aanhef en onder b, BW ook van toepassing is als de werkgever een beroep doet op de overbruggingsregeling in reactie op een tijdig door de werknemer begonnen procedure waarin deze om toekenning van een transitievergoeding verzoekt. Deze vraag moet ontkennend worden beantwoord. Dit geldt ongeacht of de werkgever zijn beroep op de overbruggingsregeling doet als een verweer tegen het verzoek van de werknemer of in de vorm van een zelfstandig verzoek op de voet van art. 282 lid 4 Rv. Voor een en ander is het volgende redengevend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4471742e3a85e3fe15891da19779b48a2d868a4ac399671b364d3139a97bc31e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4471742e3a85e3fe15891da19779b48a2d868a4ac399671b364d3139a97bc31e, en de alinea staat in dat document op bytes 20976 tot 21591.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4471742e3a85e3fe15891da19779b48a2d868a4ac399671b364d3139a97bc31e | shasum -a 256