Citaat | Hoge Raad 14 december 2018
Onder 2.5.4. Hoge Raad 14 december 2018
Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2308.
Ook uit de parlementaire geschiedenis van dit artikellid, aangehaald in de onderdelen 6.7 tot en met 6.9 van de conclusie van de Advocaat-Generaal, kan niet worden afgeleid dat de wetgever een delegatiebepaling met een ruimere betekenis voor ogen heeft gestaan dan uit de tekst van artikel 32bd, lid 3, Wet LB volgt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/780beee1a73062a296bb117183921e9c42c01bd260f0c35565c11c09ef54a8f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 780beee1a73062a296bb117183921e9c42c01bd260f0c35565c11c09ef54a8f8, en de alinea staat in dat document op bytes 11376 tot 11707.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/780beee1a73062a296bb117183921e9c42c01bd260f0c35565c11c09ef54a8f8 | shasum -a 256