Citaat | Hoge Raad 20 februari 2018
Onder 2.2.2. Hoge Raad 20 februari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 20 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:241.
Anders dan de advocaten-generaal is het hof van oordeel dat het onderzoek hiervoor onvoldoende aanwijzingen oplevert. Weliswaar laat de weergave van de bij de reconstructie gereden snelheden zowel bij [medeverdachte] als bij [verdachte] zien dat de snelheid, nadat deze aanvankelijk was afgenomen, op dit punt weer is toegenomen, doch het hof stelt vast dat dit niet op uitdrukkelijke aanwijzingen van de verdachten is geweest. Het hof stelt op grond van getuigenverklaringen en de weergave van de bij reconstructie gereden snelheden wel vast dat de verdachten hebben gereden met een aanzienlijk hogere snelheid dan gelet op de situatie (tussen twee rijen stilstaande auto's voor een rood verkeerslicht) veilig was. Het hof heeft bij de schouw waargenomen dat op het moment dat de motorscooter zich zonder verlichting tussen de twee rijen auto's bevindt waarvan de koplampen zijn ingeschakeld, de motorscooter bijna niet zichtbaar is vanaf de oversteekplaats waar de aanrijding heeft plaatsgevonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d6a456c27afbdc6706213278156fd86c033189c73ce4eb1ac46fc57fbb1c5b47. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d6a456c27afbdc6706213278156fd86c033189c73ce4eb1ac46fc57fbb1c5b47, en de alinea staat in dat document op bytes 19530 tot 20542.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d6a456c27afbdc6706213278156fd86c033189c73ce4eb1ac46fc57fbb1c5b47 | shasum -a 256