Citaat | Hoge Raad 20 februari 2018
Onder 2.3. Hoge Raad 20 februari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 20 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:247.
De verdachte heeft in zijn eerste verhoor bij de Belastingdienst/FIOD verklaard dat het in beslag genomen geld zijn "bankroll" (het hof begrijpt: de totale som aan geld die een pokerspeler tot zijn beschikking heeft) betreft en dat het bestemd is om mee te pokeren. Van het bedrag van € 44.000 is volgens de verdachte ongeveer € 15.000 afkomstig uit zijn B.V. en de rest van het geld is afkomstig uit pokerwinsten. In de kern is de verdachte gedurende het hele strafproces bij zijn verklaring over de herkomst van het geld gebleven. Hij heeft bij de Douanecontrole de 88 biljetten van 500 euro niet laten zien, omdat hij bang was voor belastingaanslagen, hetgeen ook de reden was waarom hij de biljetten op deze wijze in zijn agenda had gestopt. Ter zitting in hoger beroep heeft de verdachte aanvullend verklaard dat hij bij de Douane niet op eigen initiatief melding heeft gemaakt van het bij hem aanwezige geldbedrag, omdat hij bang was dat het geld van hem afgenomen zou worden in verband met nog openstaande belastingschulden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de46480e04a7c86c87998b506b2714e28bf323381385f84cefbaa6eea0fc44be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de46480e04a7c86c87998b506b2714e28bf323381385f84cefbaa6eea0fc44be, en de alinea staat in dat document op bytes 18646 tot 19694.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de46480e04a7c86c87998b506b2714e28bf323381385f84cefbaa6eea0fc44be | shasum -a 256