Citaat | Hoge Raad 23 februari 2018

Onder 2.4.2. Hoge Raad 23 februari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 23 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:267.

Voor zover het middel betoogt dat het Hof zijn oordeel niet voldoende heeft gemotiveerd, heeft het volgende te gelden. De last het in artikel 11, lid 2, van de Uitvoeringsbeschikking bedoelde werkelijke gebruik te bewijzen, rust op degene die van de in artikel 11, lid 1, letter c, van de Uitvoeringsbeschikking bedoelde berekeningswijze wil afwijken. Daarbij heeft te gelden dat de vaststelling van het werkelijke gebruik dient te berusten op objectief en nauwkeurig vast te stellen gegevens (vgl. HR 15 juni 2012, nr. 10/01746, ECLI:NL:HR:2012:BU1929, BNB 2012/222, rechtsoverweging 3.5.2). Deze gegevens moeten van dien aard zijn dat het werkelijke gebruik daarmee ook objectief en nauwkeurig is vast te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/190ca65f0a214e37ec70c2810810d52ce9c24f783357e40639c51f59241888a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 190ca65f0a214e37ec70c2810810d52ce9c24f783357e40639c51f59241888a7, en de alinea staat in dat document op bytes 13013 tot 13741.