Citaat | Hoge Raad 13 maart 2018

Onder 2.2.1. Hoge Raad 13 maart 2018

Een alinea uit Hoge Raad 13 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:330.

"Op 10 februari a.s. (de Hoge Raad begrijpt: 4 februari 2016) te 10.00 uur staat de behandeling van opgemelde zaak gepland. Ik zou u willen verzoeken om de zaak aan te houden. Helaas ben ik in de ochtend verhinderd om cliënt ter terechtzitting bij te staan in verband met een raadkamer gevangenhouding van een gedetineerde cliënt bij de rechtbank in Den Haag. Mij laten vervangen door een kantoorgenoot is agendatechnisch helaas niet mogelijk gebleken, nog afgezien van het gegeven dat ik in beide zaken de voorkeursadvocaat ben en cliënten mijn persoonlijke rechtsbijstand wensen. In raadkamer bij de rechtbank zal gemotiveerd om opheffing/schorsing van de voorlopige hechtenis dienen te worden verzocht in verband met een beroep op noodweer(exces). U begrijpt wellicht dat de aard van die zaak (drie maal poging doodslag) ook meebrengt dat een waarneming op deze korte termijn niet te realiseren is. De verdachte in opgemelde zaak is niet voorlopig gehecht, doch aan hem is in eerste aanleg ook een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf opgelegd, terwijl die straf nog niet is uitgezeten. Ook de belangen van [verdachte] zijn dus groot te noemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a041ecb0a732bfe7600181c37e4281ec89c07a30f3aa2af0a19d693259bfbb2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a041ecb0a732bfe7600181c37e4281ec89c07a30f3aa2af0a19d693259bfbb2, en de alinea staat in dat document op bytes 6901 tot 8060.