Citaat | Hoge Raad 13 maart 2018

Onder 3.2.3. Hoge Raad 13 maart 2018

Een alinea uit Hoge Raad 13 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:340.

Vast staat wel, dat [betrokkene 1] op enig moment met pepperspray heeft gespoten waarbij anderen, onder wie de verdachte, in het gezicht zijn geraakt en dat [betrokkene 4] de verdachte in zijn gezicht heeft geslagen. Ten aanzien van dit deel van de confrontatie kan het hof niet vaststellen of voor de verdachte een noodweersituatie bestond. Voor zover hiervan al sprake was, had hij de mogelijkheid om zich hiervan te verwijderen, hetgeen hij ook heeft gedaan. Op de camerabeelden is te zien dat de verdachte wegliep van de vechtpartij in de richting van het Steve Bikoplein en zich enkele ogenblikken later omdraaide en naar de plek van de vechtpartij toe rende. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte dit bevestigd: "Ik liep terug omdat ik wat terug wilde doen. Ik ging met [betrokkene 1] doorvechten, omdat ik ook ben geslagen. Ik heb met mijn handen in zijn gezicht geslagen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4cc0f23dac0aad88a329f6b6fd333ebc89348e8c8d4fa6e0ee2d76e5a44c7289. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4cc0f23dac0aad88a329f6b6fd333ebc89348e8c8d4fa6e0ee2d76e5a44c7289, en de alinea staat in dat document op bytes 10688 tot 11597.