Citaat | Hoge Raad 16 maart 2018
Onder 3.2. Hoge Raad 16 maart 2018
Een alinea uit Hoge Raad 16 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:359.
Bij de beoordeling van het middel wordt het volgende vooropgesteld. De omkering en de verzwaring van de bewijslast, die plaatsvinden indien niet de vereiste aangifte is gedaan, zijn bedoeld om tegemoet te komen aan bewijsproblemen die de inspecteur ondervindt indien hij van de belastingplichtige geen opgave krijgt die hem in staat stelt de verschuldigde belasting en de grondslag daarvoor vast te stellen. In het licht daarvan hebben de omkering en de verzwaring van de bewijslast in een zodanig geval geen betrekking op de vraag of de inspecteur, gelet op de in artikel 16 AWR neergelegde voorwaarden, bevoegd is om na te vorderen. De voor beantwoording van die vraag relevante feiten dienen aan de hand van de normale regels van stelplicht en bewijslast te worden vastgesteld. Dit geldt – anders dan de Rechtbank heeft geoordeeld – evenzeer voor de vraag of navordering mogelijk is met toepassing van de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR. Een andersluidende opvatting zou ook onvoldoende recht doen aan de in artikel 16 AWR vervatte waarborgen van rechtszekerheid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7775fbd05c638a671eaf1a2cd84283711ea061b260945461ab51d381efd81bc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7775fbd05c638a671eaf1a2cd84283711ea061b260945461ab51d381efd81bc6, en de alinea staat in dat document op bytes 12007 tot 13115.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7775fbd05c638a671eaf1a2cd84283711ea061b260945461ab51d381efd81bc6 | shasum -a 256