Citaat | Hoge Raad 23 maart 2018

Onder 3.2 Hoge Raad 23 maart 2018

Een alinea uit Hoge Raad 23 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:424.

CS vordert in deze procedure – kort weergegeven – dat de rechtbank een aantal vorderingen ter zake van voor en in het faillissement van OSX gemaakte en nog te maken kosten van advocaten en van een expert erkent (zie de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.5 genoemde vorderingen), en wel voor de door CS genoemde bedragen, althans voor de bedragen die de rechtbank in goede justitie rechtvaardig acht. Daaraan heeft CS ten grondslag gelegd dat zij op grond van de hiervoor in 3.1 onder (i) genoemde overeenkomsten recht heeft op betaling van deze bedragen, en dat de vorderingen in faillissement voor erkenning in aanmerking komen, ongeacht of de kosten tijdens de surseance of het faillissement zijn of zullen worden gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/85fbaf24e9d674642fc87558f1d1a918a2cc4548f5e39005325d2139b5d9e0e7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 85fbaf24e9d674642fc87558f1d1a918a2cc4548f5e39005325d2139b5d9e0e7, en de alinea staat in dat document op bytes 9381 tot 10136.