Citaat | Hoge Raad 3 april 2018
Onder 4.2.3. Hoge Raad 3 april 2018
Een alinea uit Hoge Raad 3 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:487.
In een geval als het onderhavige kan met betrekking tot de toedracht van de diefstal wel worden vastgesteld dat deze door "verenigde personen" is begaan, maar kan niet direct worden vastgesteld door wie precies. Indien in een dergelijk geval de verdachte zelf kort na de diefstal wordt aangetroffen in omstandigheden die op betrokkenheid bij het strafbare feit duiden, kan sprake zijn van een situatie waarin het uitblijven van een aannemelijk verklaring van de verdachte zoals hiervoor onder 4.2.2 bedoeld, van belang is voor de beantwoording van de vraag of het tenlastegelegde medeplegen kan worden bewezen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e4874a7b9e9af208f3472665682715dafc3863d25104dbbf7b47c422f80472a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e4874a7b9e9af208f3472665682715dafc3863d25104dbbf7b47c422f80472a, en de alinea staat in dat document op bytes 41771 tot 42395.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6e4874a7b9e9af208f3472665682715dafc3863d25104dbbf7b47c422f80472a | shasum -a 256