Citaat | Hoge Raad 30 maart 2018
Onder 3.2.5 Hoge Raad 30 maart 2018
Een alinea uit Hoge Raad 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:488.
8. De vader heeft aangevoerd dat hij op grond van artikel 1:253b Burgerlijk Wetboek (BW) aan de rechtbank kan verzoeken hem met het gezag te belasten, een grond om hem in deze procedure als belanghebbende aan te merken. Het hof gaat aan dit argument voorbij. Dat de vader deze mogelijkheid heeft, maar overigens tot heden niet heeft benut, maakt niet dat hij als ouder zonder gezag belanghebbende is. In deze procedure is de raad de verzoekende partij. Bovendien is de vader ten aanzien van [kind 1] niet aan te merken als de tot gezag bevoegde ouder, omdat hij niet de juridische vader is van [kind 1] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aefb08b0e69b3651b47fd34f50a0f55595b7fff3c6f4fb3551b593ee21bb39e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aefb08b0e69b3651b47fd34f50a0f55595b7fff3c6f4fb3551b593ee21bb39e1, en de alinea staat in dat document op bytes 11577 tot 12194.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aefb08b0e69b3651b47fd34f50a0f55595b7fff3c6f4fb3551b593ee21bb39e1 | shasum -a 256