Citaat | Hoge Raad 3 april 2018

Onder 2.2.3. Hoge Raad 3 april 2018

Een alinea uit Hoge Raad 3 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:496.

De deur van het halletje was dicht. Ik moest die deur open doen. Ik zweer dat ik niet weet hoe die deur opendraaide. Normaal gaat zo'n deur naar binnen toe open. Als het zo was, dan had ik inderdaad snel achteruit lopend [slachtoffer] kunnen vermijden, maar dat kwam niet in mij op als mogelijke optie op dat moment. Je maakt in je angst geen rationele afwegingen, je moet snel een besluit nemen. Ik zou ook graag willen dat het anders was. Ik voelde mij klem gezet door hem. Of dat helemaal rationeel was kan ik niet met volle zekerheid zeggen, maar u kunt gelijk hebben over de naar buiten draaiende voordeur. Het is waar dat ik, toen ik het halletje binnen kwam, ook onmiddellijk de deur achter mij dicht had kunnen doen. Dat is een heel goed idee van u. Als ik u eerder had ontmoet, had ik dat gedaan. Ik weet niet of daar tijd voor was. Ik heb het niet overwogen. De buitendeur ging naar buiten toe open, die moest ik dus opentrekken. De tweede deur weet ik niet meer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d29ca1a6d22018b9b2c2941ff8f28028b902d6a86beb9c92fcc8cdf0b4976913. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d29ca1a6d22018b9b2c2941ff8f28028b902d6a86beb9c92fcc8cdf0b4976913, en de alinea staat in dat document op bytes 16399 tot 17385.