Citaat | Hoge Raad 3 april 2018

Onder 2.3. Hoge Raad 3 april 2018

Een alinea uit Hoge Raad 3 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:496.

Indien de rechter het beroep verwerpt, dient hij duidelijk te maken of hij de door of namens de verdachte aan het verweer ten grondslag gelegde feitelijke toedracht niet aannemelijk geworden acht, dan wel of die toedracht het beroep niet kan doen slagen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d29ca1a6d22018b9b2c2941ff8f28028b902d6a86beb9c92fcc8cdf0b4976913. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d29ca1a6d22018b9b2c2941ff8f28028b902d6a86beb9c92fcc8cdf0b4976913, en de alinea staat in dat document op bytes 22201 tot 22469.