Citaat | Hoge Raad 6 april 2018

Onder 4.8.1. Hoge Raad 6 april 2018

Een alinea uit Hoge Raad 6 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:522.

Indien de beantwoording van de vraag of de mededeling aan de schuldenaar als bedoeld in artikel 221, lid 3, van het CDW binnen de in deze bepaling vermelde verjaringstermijn is geschied, tot de vrijheid van de lidstaten behoort, moet middel 2 worden verworpen. Anders dan het middel betoogt, ligt in het voorschrift van artikel 7:6, lid 1, van de Adw besloten dat de mededeling is voltooid met de toezending daarvan aan de schuldenaar. Omdat het aanslagbiljet op 28 februari 2013 op de post is gedaan, is de in artikel 221, lid 3, van het CDW bedoelde termijn van drie jaar niet verstreken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/93fa0ffdbacaaa2d94318a58deec7ab5184662b75cdc6edc8aa4b084472bc7b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 93fa0ffdbacaaa2d94318a58deec7ab5184662b75cdc6edc8aa4b084472bc7b5, en de alinea staat in dat document op bytes 40729 tot 41333.