Citaat | Hoge Raad 6 april 2018

Onder 3.2 Hoge Raad 6 april 2018

Een alinea uit Hoge Raad 6 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:533.

Het hof heeft de bestreden beschikking bekrachtigd, waartoe het heeft overwogen (rov. 5.4) dat de gronden voor een mentorschap ten tijde van de beschikking van de kantonrechter bestonden en ten tijde van de beschikking van het hof nog steeds aanwezig waren. Het overwoog dat betrokkene de medewerkers van Mentrum niet meer vertrouwt en daardoor niet wil meewerken aan zaken die in zijn belang zijn. Zo heeft hij geweigerd zijn adres te wijzigen en houdt hij het gesprek over de keuze voor een andere vorm van residentiële behandeling nu al geruime tijd af, hoewel volgens Mentrum geen optie is dat hij op de locatie waar hij thans woont blijft wonen, terwijl zelfstandig wonen in zijn geval uitgesloten is. Het gevaar dreigt dat de indicatie voor de kliniek waar hij nu woont vervalt, met als mogelijk gevolg dat hij geen woonruimte meer heeft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab320a997a630149be08ef109a729dbae79645864b2a9fea0c11ed255c8b23b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab320a997a630149be08ef109a729dbae79645864b2a9fea0c11ed255c8b23b5, en de alinea staat in dat document op bytes 7760 tot 8618.