Citaat | Hoge Raad 17 april 2018

Onder 2.2.2. Hoge Raad 17 april 2018

Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:616.

Ik, verbalisant [verbalisant 1] , deelde beide personen mede dat zij geen antwoord hoefden te geven op de vragen die gesteld werden en vroeg vervolgens naar de reden van het bezoek aan Nederland. Ik, verbalisant [verbalisant 1] , hoorde de bestuurder verklaren dat hij samen met zijn bijrijder een coffeeshop bezocht heeft. Hij toonde mij een joint en gaf tevens aan dat ergens anders in het voertuig nog een klein beetje verdovende middelen zouden liggen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a679f8e801aa0ca9d1fb99c0562aec150c13807a81a3ae6dcc15a2c22d50be8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a679f8e801aa0ca9d1fb99c0562aec150c13807a81a3ae6dcc15a2c22d50be8, en de alinea staat in dat document op bytes 10066 tot 10535.