Citaat | Hoge Raad 20 april 2018
Onder 3.3.8 Hoge Raad 20 april 2018
Een alinea uit Hoge Raad 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:652.
Uit het voorgaande volgt dat art. 6 Aandeelhoudersrichtlijn niet dwingt tot een andereuitleg van art. 2:114a BW dan hiervoor in 3.3.6-3.3.7 is gegeven. Dit strookt met de wijze waarop art. 6 Aandeelhoudersrichtlijn is geïmplementeerd in het recht van België, Duitsland en Frankrijk (zie hierover de beschouwingen in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4.106-4.112, 4.117-4.121 en 4.125-4.127). In geen van die landen heeft de Aandeelhoudersrichtlijn ertoe geleid dat aandeelhouders een stemming van de algemene vergadering kunnen afdwingen over onderwerpen die niet tot de bevoegdheid van de algemene vergadering behoren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a923b1ee2af2fec0cc29d0537096ac9c1d259081ce8a439ced2b882a05c8b666. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a923b1ee2af2fec0cc29d0537096ac9c1d259081ce8a439ced2b882a05c8b666, en de alinea staat in dat document op bytes 25890 tot 26549.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a923b1ee2af2fec0cc29d0537096ac9c1d259081ce8a439ced2b882a05c8b666 | shasum -a 256