Citaat | Hoge Raad 4 mei 2018
Onder 3.4.2 Hoge Raad 4 mei 2018
Een alinea uit Hoge Raad 4 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:677.
Dit onderdeel is gegrond. Op de Staat rust op grond van art. 4 lid 3 VEU en art. 288 derde volzin VWEU de plicht om Europese richtlijnen juist te implementeren. Het nalaten daarvan is onrechtmatig (HR 18 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2722, NJ 2016/166, rov. 3.4.4). Dit omvat mede het na een onjuiste implementatie van een richtlijn niet alsnog juist implementeren daarvan. Aangenomen moet worden dat, zolang geen juiste implementatie plaatsvindt, dit iedere dag een zelfstandige onrechtmatige daad van de Staat oplevert, hetgeen meebrengt dat daarop gegronde vorderingen afzonderlijk verjaren. De vordering tot vergoeding van schade die TMG heeft geleden door de onjuiste implementatie, is dus niet verjaard voor zover het betreft de periode van vijf jaar voorafgaand aan haar hiervoor in 3.1 onder (ix) genoemde aansprakelijkstelling van 21 september 2012.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/50fa09ed00e8907b70bc8892ef43dbec85b76729ec83185fbc93d1f7bdd1d659. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 50fa09ed00e8907b70bc8892ef43dbec85b76729ec83185fbc93d1f7bdd1d659, en de alinea staat in dat document op bytes 21585 tot 22484.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/50fa09ed00e8907b70bc8892ef43dbec85b76729ec83185fbc93d1f7bdd1d659 | shasum -a 256