Citaat | Hoge Raad 15 mei 2018

Onder 2.5. Hoge Raad 15 mei 2018

Een alinea uit Hoge Raad 15 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:704.

De klacht berust op de opvatting dat het kortstondig niet naleven van de bij een rechterlijke beslissing vastgestelde omgangsregeling niet 'het onttrekken' van een minderjarige aan het gezag in de zin van art. 279 Sr oplevert, temeer niet nu degene die het gezag over de minderjarige uitoefende bekend was met de verblijfplaats van de minderjarige. Deze opvatting is onjuist (vgl. HR 13 december 1966, NJ 1967/162 en HR 15 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR8250, NJ 2005/218). De klacht faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bc80a2f62d36d562238b75be4caadd9fc5d7876fb715cabb8295ece5eb8d1ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bc80a2f62d36d562238b75be4caadd9fc5d7876fb715cabb8295ece5eb8d1ed, en de alinea staat in dat document op bytes 9847 tot 10352.