Citaat | Hoge Raad 23 januari 2018
Onder 2.5.2. Hoge Raad 23 januari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 23 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:72.
Omtrent deze motiveringsverplichting zijn wegens de vele, uiteenlopende situaties die zich kunnen voordoen, geen nadere algemene regels te geven. De mate waarin een afwijzing van een verzoek tot horen van getuigen dient te worden gemotiveerd, wordt mede bepaald door de aard van het onderwerp waarover de getuige zou kunnen verklaren alsmede de aard en de indringendheid van de door de verdediging aangevoerde argumenten om hem te horen, terwijl tevens betekenis toekomt aan het procesverloop, waaronder ook het stadium waarin het verzoek is gedaan. In cassatie gaat het bij de beoordeling van de afwijzing van een verzoek tot het horen van getuigen in de kern om de vraag of de beslissing begrijpelijk is in het licht van - als waren het communicerende vaten - enerzijds hetgeen aan het verzoek ten grondslag is gelegd en anderzijds de gronden waarop het is afgewezen. (Vgl. HR 1 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1496, NJ 2014/441.)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e2b38ce89e99fafd68c2d0c55efd8f90e2af6cc0fe723badb4865903298eeb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e2b38ce89e99fafd68c2d0c55efd8f90e2af6cc0fe723badb4865903298eeb7, en de alinea staat in dat document op bytes 16187 tot 17127.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e2b38ce89e99fafd68c2d0c55efd8f90e2af6cc0fe723badb4865903298eeb7 | shasum -a 256