Citaat | Hoge Raad 18 mei 2018
Onder 3.3.3 Hoge Raad 18 mei 2018
Een alinea uit Hoge Raad 18 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:721.
Over het toepassingsbereik van art. 14 Handhavingsrichtlijn heeft het HvJEU overwogen dat de bepalingen van deze richtlijn niet beogen alle aspecten betreffende de intellectuele-eigendomsrechten te regelen, maar alleen de aspecten die inherent zijn aan enerzijds de handhaving van deze rechten en anderzijds de inbreuken op die rechten, door te eisen dat doeltreffende rechtswegen bestaan om elke inbreuk op een bestaand intellectuele-eigendomsrecht te voorkomen, te doen staken of te verhelpen (HvJEU 10 april 2014, zaak C-435/12, ECLI:EU:C:2014:254, NJ 2016/185 (ACI Adam/Thuiskopie), punt 61 en HvJEU 16 juli 2015, zaak C-681/13, ECLI:EU:C:2015:471, NJ 2017/32 (Diageo/Simiramida), punt 73).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cbe204f16e90cbd5aa1044c6403832848aa7c8004216c7e17b8d368acb032b6d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cbe204f16e90cbd5aa1044c6403832848aa7c8004216c7e17b8d368acb032b6d, en de alinea staat in dat document op bytes 12179 tot 12912.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cbe204f16e90cbd5aa1044c6403832848aa7c8004216c7e17b8d368acb032b6d | shasum -a 256