Citaat | Hoge Raad 18 mei 2018
Onder 3.8.1 Hoge Raad 18 mei 2018
Een alinea uit Hoge Raad 18 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:729.
Art. 8:983 lid 1 BW behelst wetgeving in formele zin. In verband met het grondwettelijk toetsingsverbod van art. 120 Grondwet kan de rechter een dergelijke bepaling enkel toetsen aan een ieder verbindende bepalingen van internationaal recht zoals bedoeld in de art. 93 en 94 Grondwet. Toetsing van een dergelijke bepaling aan algemene rechtsbeginselen en (ander) ongeschreven recht is op grond van dat verbod uitgesloten. Dit laatste geldt ook indien die toetsing plaatsvindt in de sleutel van de redelijkheid en billijkheid die de rechtsverhouding van partijen bij onder meer een overeenkomst beheersen (art. 6:2 en 6:248 BW). Slechts indien sprake is van bijzondere omstandigheden die niet of niet ten volle zijn verdisconteerd in de afweging van de wetgever, kan aanleiding bestaan om tot een andere uitkomst te komen dan waartoe toepassing van de wettelijke bepaling leidt. Dat is het geval indien die niet-verdisconteerde bijzondere omstandigheden de toepassing van de wettelijke bepaling zozeer in strijd doen zijn met algemene rechtsbeginselen of (ander) ongeschreven recht dat die toepassing achterwege moet blijven (HR 14 april 1989, ECLI:NL:HR:1989:AD5725, NJ 1989/469 (Harmonisatiewet), rov. 3.1-3.6 en 3.9, en HR 19 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3679, NJ 2015/344 (Bosentan), rov. 3.6.1 en 3.6.2).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bddc1a560d7259b7bae2078f05fed5a2c4fc51b6a1273cd7148cb04121592b0d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bddc1a560d7259b7bae2078f05fed5a2c4fc51b6a1273cd7148cb04121592b0d, en de alinea staat in dat document op bytes 35123 tot 36459.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bddc1a560d7259b7bae2078f05fed5a2c4fc51b6a1273cd7148cb04121592b0d | shasum -a 256