Citaat | Hoge Raad 25 mei 2018

Onder 3.2.2 Hoge Raad 25 mei 2018

Een alinea uit Hoge Raad 25 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:772.

[verweerster] heeft twee proefsleuven op een afstand van 75 cm van elkaar gegraven. Bij beide trof zij de kabel aan op de plaats waar deze ook volgens de tekening diende te liggen, aan de straatzijde, parallel aan de oude damwand. De schade is ontstaan op een afstand van een paar meter van de laatste sleuf. [verweerster] heeft niet over het gehele traject van de aan te brengen wand de grond over een breedte van 1,50 meter aan beide zijden onderzocht om de kabel te lokaliseren, hoewel dat wel best practice is. [verweerster] is ervan uitgegaan dat de kabel ook voor de rest van het traject aan de straatzijde van de oude damwand zou liggen, overeenkomstig hetgeen op de tekening was weergegeven. De schade kon ontstaan omdat de kabel daar ter plaatse toch onder de oude damwand doorliep. De tekening voldeed op dat punt niet aan de nauwkeurigheid die [verweerster] op grond van het BION mocht verwachten. Er waren voor [verweerster] geen concrete aanwijzingen dat de tekening in dit geval niet aan die eisen zou voldoen (bijvoorbeeld wegens recente terreinveranderingen of bekende obstakels in de grond). (rov. 3.8.4)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97a1a520efb03859734d12fe2cbc3a3e6118f9d1353b2fd5e451a0aed78dab74. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97a1a520efb03859734d12fe2cbc3a3e6118f9d1353b2fd5e451a0aed78dab74, en de alinea staat in dat document op bytes 13846 tot 15020.