Citaat | Hoge Raad 25 mei 2018
Onder 3 Hoge Raad 25 mei 2018
Een alinea uit Hoge Raad 25 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:774.
3.3.6 Gelet op het vorenstaande mocht het hof de reactie van de curator bij zijn oordeel betrekken, ook zonder partijen nog in de gelegenheid te stellen zich daarover uit te laten. Dat zou anders zijn geweest als de reactie van de curator meer of andere uitlatingen had bevat dan waarop de hiervoor in 3.3.4 genoemde afspraak zag. Dat dit het geval is, voert het onderdeel echter niet aan, en valt ook niet in te zien. In de reactie deelt de curator slechts mede dat zich na de mondelinge behandeling geen nieuwe schuldeisers bij hem hebben gemeld, en bevestigt hij dat na de fax van mr. Vink voldoende zekerheid bestaat over de voldoening van de boedel- en faillissementskosten, waarop de hiervoor in 3.1.4 genoemde toezegging mede ziet. Bij de mondelinge behandeling had de curator zich ook al in laatstgenoemde zin uitgelaten, blijkens het daarvan opgemaakte proces-verbaal. Het hof verwijst bij zijn beslissing ook uitsluitend op deze punten naar de reactie van de curator.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a61b1cd2bd8bc2e951365b319507c8bd0ed4d57c035c1916469d53617e1a02a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a61b1cd2bd8bc2e951365b319507c8bd0ed4d57c035c1916469d53617e1a02a1, en de alinea staat in dat document op bytes 17893 tot 18883.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a61b1cd2bd8bc2e951365b319507c8bd0ed4d57c035c1916469d53617e1a02a1 | shasum -a 256