Citaat | Hoge Raad 1 juni 2018
Onder 3.3.2 Hoge Raad 1 juni 2018
Een alinea uit Hoge Raad 1 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:818.
Het middel is uitsluitend tegen deze overweging van het hof gericht. Het klaagt dat het hof gehouden was toepassing te geven aan art. 1:125 lid 2 Wft in verbinding met art. 1:116 lid 3 Wft, nu art. 1:125 lid 2 Wft een bepaling van openbare orde is, althans een dwingendrechtelijke bepaling die leidt tot absolute nietigheid, en dus ambtshalve buiten de grenzen van de rechtsstrijd dient te worden toegepast. Voor een dergelijke toepassing boden de processtukken, aldus de toelichting op het middel, voldoende feitelijke basis. Nu het hof gehouden was om deze bepaling ambtshalve toe te passen, deed zich een situatie voor waarin een uitzondering gemaakt diende te worden op de tweeconclusieregel en waarin van strijd met de goede procesorde geen sprake kon zijn, althans heeft het hof onvoldoende gemotiveerd waarom het in strijd zou zijn met de goede procesorde om partijen de gelegenheid te geven zich alsnog over de betekenis van art. 1:125 lid 2 Wft voor de vorderingen van [verweerder] uit te laten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e504e5c7b0fba1656ebbb939c27a7b4004c6ef0fce046b0fbe2ff320ad17a99a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e504e5c7b0fba1656ebbb939c27a7b4004c6ef0fce046b0fbe2ff320ad17a99a, en de alinea staat in dat document op bytes 13479 tot 14497.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e504e5c7b0fba1656ebbb939c27a7b4004c6ef0fce046b0fbe2ff320ad17a99a | shasum -a 256