Citaat | Hoge Raad 1 juni 2018
Onder 3.4.2 Hoge Raad 1 juni 2018
Een alinea uit Hoge Raad 1 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:819.
Als het hof van oordeel was dat aan hetgeen partijen in art. 10 lid 1 van de vennootschapsakte zijn overeengekomen geen betekenis kan toekomen bij de beantwoording van de vraag of [eiseres 1] de vof o9 november 2011 bij monde van [eiser 2] heeft opgezegd, is dat onjuist. Als het hof de bedoelde omstandigheid wel heeft meegewogen, is zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd.p
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d8ea4151f4973bf5546cc1001747c98ab96d4351d32e4b2cbea130da7e5becea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d8ea4151f4973bf5546cc1001747c98ab96d4351d32e4b2cbea130da7e5becea, en de alinea staat in dat document op bytes 20573 tot 20975.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d8ea4151f4973bf5546cc1001747c98ab96d4351d32e4b2cbea130da7e5becea | shasum -a 256