Citaat | Hoge Raad 8 juni 2018

Onder 3.2.6 Hoge Raad 8 juni 2018

Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:857.

“3.19. Op grond van artikel 7:671b lid 8 aanhef en onder c BW kan (kort gezegd) aan een werknemer een billijke vergoeding worden toegekend indien de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Nu [verzoeker] in zijn beroepschrift nader is ingegaan op hetgeen in de parlementaire geschiedenis is vermeld over ernstig verwijtbaar handelen of nalaten, heeft hij kennelijk het oog op deze bepaling. Het hof kan [verzoeker] echter niet volgen in zijn stelling dat [verweerster] verwijtbaar, laat staan ernstig verwijtbaar heeft gehandeld jegens [verzoeker]. Kennelijk heeft [verzoeker] bedoeld dat de loonsancties en het verzoek tot ontbinding hebben geleid tot een toename van zijn medische problemen, maar daarvoor is geen enkel aanknopingspunt. Het hof verwerpt die stelling als onvoldoende toegelicht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33a74ecf87c277462908122cbadd2261aeeef4e4ddf87ea2cea83a54ad135ffd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33a74ecf87c277462908122cbadd2261aeeef4e4ddf87ea2cea83a54ad135ffd, en de alinea staat in dat document op bytes 18808 tot 19666.