Citaat | Hoge Raad 8 juni 2018
Onder 4.3.2 Hoge Raad 8 juni 2018
Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:874.
Nu dat onvoldoende gemotiveerd is betwist, staat vast dat een tegenprestatie voor de gebouwen is verdisconteerd in de pachtsom voor de grond, zodat op beide overeenkomsten uit hoofde van art. 7:313 lid 3 BW de bepalingen omtrent verpachting van hoeven van toepassing zijn met ingang van het tijdstip waarop de laatste van beide overeenkomsten is gesloten. De overeenkomsten zijn laatstelijk gesloten in januari 2013, met ingang van 1 januari 2013, zodat beide overeenkomsten vanaf dat tijdstip voor de duur van twaalf jaar zijn gaan gelden. (rov. 4.7)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/88b2bd35bc5e84e9e2285b7c5b3d4bbd9a29202d5ae64539ec0729d93170862d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 88b2bd35bc5e84e9e2285b7c5b3d4bbd9a29202d5ae64539ec0729d93170862d, en de alinea staat in dat document op bytes 14395 tot 14959.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/88b2bd35bc5e84e9e2285b7c5b3d4bbd9a29202d5ae64539ec0729d93170862d | shasum -a 256