Citaat | Hoge Raad 8 juni 2018
Onder 4.5 Hoge Raad 8 juni 2018
Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:874.
Het onderdeel vermeldt nog een aantal stellingen waarop het hof in dit verband niet, althans ontoereikend zou hebben gerespondeerd. Deze stellingen hangen echter bijna alle nauw samen met de – in de vorige alinea vermelde – meer algemene stellingen van BBL die het hof wel expliciet in zijn oordeel heeft betrokken (zie ook de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.48.2). Het onderdeel maakt niet duidelijk waarom de stellingen tot nadere motivering noopten. Het onderdeel doet voorts een beroep op de omstandigheid dat [verweerster 2] nimmer heeft bijgedragen aan het onderhoud van de gebouwen of daarvoor vaste lasten heeft betaald, maar bevat niet de in dit verband noodzakelijke toelichting waarom – uitgaande van het oordeel van het hof dat voor het gebruik van de gebouwen een vergoeding werd betaald – die omstandigheid van zodanige betekenis is voor het beroep op art. 6:248 lid 2 BW dat het hof erop had moeten ingaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/88b2bd35bc5e84e9e2285b7c5b3d4bbd9a29202d5ae64539ec0729d93170862d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 88b2bd35bc5e84e9e2285b7c5b3d4bbd9a29202d5ae64539ec0729d93170862d, en de alinea staat in dat document op bytes 28944 tot 29950.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/88b2bd35bc5e84e9e2285b7c5b3d4bbd9a29202d5ae64539ec0729d93170862d | shasum -a 256