Citaat | Hoge Raad 22 juni 2018
Onder 4.1.3 Hoge Raad 22 juni 2018
Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:976.
Uit het proces-verbaal van de comparitie en de schriftelijke aantekeningen die partijen ten behoeve van de comparitie hebben overgelegd, blijkt dat partijen de in de brief van de griffier gestelde vragen hebben beantwoord. Tevens blijkt daaruit dat partijen de comparitie hebben benut om hun stellingen toe te lichten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3ce7f0ad0f90c46d7062effb8e12571dec98586d30993ff2a4f95391d80e7db. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3ce7f0ad0f90c46d7062effb8e12571dec98586d30993ff2a4f95391d80e7db, en de alinea staat in dat document op bytes 15173 tot 15505.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d3ce7f0ad0f90c46d7062effb8e12571dec98586d30993ff2a4f95391d80e7db | shasum -a 256