Citaat | Hoge Raad 22 juni 2018

Onder 4.1.4 Hoge Raad 22 juni 2018

Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:976.

Nu de door het hof gelaste comparitie mede is benut om partijen in de gelegenheid te stellen hun stellingen toe te lichten, had deze comparitie in deze meervoudig te beslissen zaak in beginsel dienen plaats te vinden ten overstaan van de drie raadsheren die de beslissing zouden nemen. Van deze regel kon worden afgeweken door tijdig voor de comparitie (schriftelijk of elektronisch) aan partijen mee te delen dat, nu was bepaald dat de comparitie zou worden gehouden ten overstaan van een raadsheer-commissaris, partijen gelegenheid hadden om te verzoeken dat de comparitie zou worden gehouden ten overstaan van de meervoudige kamer die de beslissing zou nemen. (HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3259 en HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3264, rov. 3.5.1 en 3.6.2-3.6.3)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3ce7f0ad0f90c46d7062effb8e12571dec98586d30993ff2a4f95391d80e7db. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3ce7f0ad0f90c46d7062effb8e12571dec98586d30993ff2a4f95391d80e7db, en de alinea staat in dat document op bytes 15606 tot 16449.