Citaat | Hoge Raad 5 juli 2019
Onder 2.4.2. Hoge Raad 5 juli 2019
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1102.
In gevallen waarin een of meer besluiten zijn bekendgemaakt door toezending van een aanslagbiljet aan de belanghebbende, kan in de regel ervan worden uitgegaan dat met de terpostbezorging van dat biljet de daarin vervatte besluiten zijn bekendgemaakt (vgl. HR 5 maart 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO5063, rechtsoverweging 3.2). Indien de belanghebbende de verzending van het aanslagbiljet betwist, is het aan de inspecteur om die verzending aannemelijk te maken. Indien de belanghebbende, zoals in dit geval, stelt dat een schriftelijk besluit hem niet heeft bereikt, ligt in die stelling een betwisting van de verzending van dat besluit begrepen (vgl. CBB 12 januari 2016, ECLI:NL:CBB:2016:16, rechtsoverweging 6).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8abd623b7c72554c599170283bfb45d192e03630321150e01eeb84f39156d4d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8abd623b7c72554c599170283bfb45d192e03630321150e01eeb84f39156d4d0, en de alinea staat in dat document op bytes 9210 tot 9931.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8abd623b7c72554c599170283bfb45d192e03630321150e01eeb84f39156d4d0 | shasum -a 256