Citaat | Hoge Raad 19 juli 2019
Onder 2.4.4 Hoge Raad 19 juli 2019
Een alinea uit Hoge Raad 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1278.
Een vordering tot vergoeding van schade die is ontstaan door beweging van de bodem als gevolg van de aanleg of de exploitatie van een mijnbouwwerk, kan worden gebaseerd op art. 6:177 lid 1, aanhef en onder b, BW. Als tevens sprake is van toerekenbaar onrechtmatig handelen van de exploitant, en de schade daarmee in condicio sine qua non-verband staat, kan een zodanige vordering ook worden gebaseerd op art. 6:162 BW. De hiervoor in 2.4.3 vermelde aard en strekking van art. 6:177 BW brengen mee dat bij aansprakelijkheid op grond van die bepaling ruime toerekening van schade aan de hand van art. 6:98 BW plaatsvindt, ook als de aansprakelijkheid niet tevens kan worden gebaseerd op art. 6:162 BW. Niet uitgesloten is echter dat desondanks in een concreet geval ten aanzien van bepaalde schadelijke gevolgen moet worden geoordeeld dat zij niet op grond van art. 6:177 BW in verbinding met art. 6:98 BW als gevolg van bodembeweging aan de exploitant kunnen worden toegerekend. Indien de exploitant in een zodanig geval ook op grond van art. 6:162 BW aansprakelijk is, omdat hij een toerekenbare onrechtmatige daad heeft gepleegd, en die schadelijke gevolgen met die onrechtmatige daad in condicio sine qua non-verband staan, is niet uitgesloten dat die schadelijke gevolgen wel als gevolg van die onrechtmatige daad aan de exploitant kunnen worden toegerekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0dba13d017e9cb0a4dc7c77a5af767559ef454c5ab9425e5185a4418a01647cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0dba13d017e9cb0a4dc7c77a5af767559ef454c5ab9425e5185a4418a01647cf, en de alinea staat in dat document op bytes 32648 tot 34022.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0dba13d017e9cb0a4dc7c77a5af767559ef454c5ab9425e5185a4418a01647cf | shasum -a 256