Citaat | Hoge Raad 19 juli 2019

Onder 2.7.11 Hoge Raad 19 juli 2019

Een alinea uit Hoge Raad 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1278.

Op grond van art. 3 EVRM heeft de Staat de positieve verplichting om maatregelen te treffen om burgers die onder zijn rechtsmacht vallen, te beschermen tegen folteringen, onmenselijke of vernederende behandelingen of straffen. Om binnen het toepassingsbereik van art. 3 EVRM te vallen, moet de onmenselijke of vernederende behandeling boven een bepaald niveau uitkomen. De bepaling van dat niveau hangt af van alle omstandigheden van het geval.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0dba13d017e9cb0a4dc7c77a5af767559ef454c5ab9425e5185a4418a01647cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0dba13d017e9cb0a4dc7c77a5af767559ef454c5ab9425e5185a4418a01647cf, en de alinea staat in dat document op bytes 54914 tot 55435.