Citaat | Hoge Raad 1 februari 2019
Onder 3.2.2 Hoge Raad 1 februari 2019
Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2019, ECLI:NL:HR:2019:137.
“18. De meest verstrekkende stelling van [verweerder] houdt in dat hij in het geheel geen huurpenningen aan de boedel is verschuldigd. [verweerder] stelt daartoe, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep, dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid is dat hij achteraf nog een huurprijs moet betalen, dit terwijl het van meet af aan de bedoeling was dat de woning aan hem zou worden toebedeeld en de woning vervolgens, doordat dit niet is gebeurd, in een uitermate slechte staat van onderhoud is komen te verkeren. [eisers] hebben nimmer huurpenningen van hem gevorderd, tot het moment dat dit in deze procedure [werd gedaan].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2eb72886918db4a05a2ad3350825a6f601a04f293be597d920c710a15716ee87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2eb72886918db4a05a2ad3350825a6f601a04f293be597d920c710a15716ee87, en de alinea staat in dat document op bytes 9489 tot 10141.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2eb72886918db4a05a2ad3350825a6f601a04f293be597d920c710a15716ee87 | shasum -a 256