Citaat | Hoge Raad 20 september 2019

Onder 6.14. Hoge Raad 20 september 2019

Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2019, ECLI:NL:HR:2019:1407.

Naar het oordeel van het hof laten de vaststaande feiten geen andere conclusie toe dan dat sprake is van een aanzienlijke mate van eigen schuld aan de zijde van [eiser]. Zo blijkt uit de VOA genoegzaam dat [verweerder 2] uiterst rechts reed, terwijl [eiser] met de Yamaha een rijlijn ter hoogte van dan wel kort rechts naast de middenaslijn volgde. Indien [eiser], zoals de verkeersregels eisen, zoveel mogelijk rechts had gehouden - zijn rijbaan was minimaal 1,80 meter breed - had het ongeval niet plaatsgevonden. Gelet daarop zal het hof de beslissing ten aanzien van de kostenveroordeling vernietigen en opnieuw rechtdoende de kosten met inachtneming van een aanzienlijke mate van eigen schuld aan de zijde van [eiser] begroten op € 1.300,-. Voor een nadere billijkheidscorrectie acht het hof geen termen aanwezig.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a, en de alinea staat in dat document op bytes 12069 tot 12902.