Citaat | Hoge Raad 20 september 2019
Onder 3.2 Hoge Raad 20 september 2019
Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2019, ECLI:NL:HR:2019:1407.
In de deelgeschilprocedure worden ingevolge art. 1019aa Rv de proceskosten van de persoon die schade door dood of letsel lijdt, begroot op de voet van art. 6:96 lid 2 BW. In de memorie van toelichting wordt hierover opgemerkt dat de deelgeschilprocedure zozeer is verbonden met een afwikkeling buiten rechte dat de daarvoor gemaakte kosten ook mogen worden beschouwd als kosten van buitengerechtelijke afwikkeling. Dit betekent volgens de memorie van toelichting dat de benadeelde deze kosten in beginsel volledig vergoed kan krijgen van de andere partij, als diens aansprakelijkheid komt vast te staan, mits zij in redelijkheid zijn gemaakt en de omvang ervan redelijk is. Gelet op dit karakter van het oordeel over de aanspraak op vergoeding van de kosten van de deelgeschilprocedure moet dat oordeel, indien de aanspraak op die kosten onderwerp vormt van de procedure ten principale, daarin worden aangemerkt als een eindbeslissing betreffende de materiële rechtsverhouding tussen partijen als bedoeld in art. 1019cc lid 1 Rv. Daarbij is van belang dat deze kosten in de procedure ten principale niet van kleur verschieten als bedoeld in art. 6:96 lid 3 BW in verbinding met art. 241 Rv (zie art. 1019aa lid 2 Rv). In een hoger beroep op de voet van art. 1019cc lid 3 Rv kunnen dus grieven tegen een dergelijk oordeel worden gericht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a, en de alinea staat in dat document op bytes 14960 tot 16438.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a | shasum -a 256