Citaat | Hoge Raad 20 september 2019
Onder 3.3 Hoge Raad 20 september 2019
Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2019, ECLI:NL:HR:2019:1407.
Een uitspraak in tussentijds hoger beroep tegen een deelgeschilbeschikking, ingesteld op de voet van art. 1019cc lid 3, aanhef en onder a, Rv, is een tussenuitspraak, tenzij het hof met toepassing van art. 355, tweede volzin, Rv of art. 356 Rv zelf de procedure ten principale heeft afgedaan. Voor beroep in cassatie tegen zodanige tussenuitspraak is op grond van art. 1019cc lid 3, aanhef en onder a, Rv in verbinding met art. 401a lid 2 Rv verlof van het gerechtshof vereist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a, en de alinea staat in dat document op bytes 16517 tot 17071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca79d2a493b39c65eebbe70b38854245ba9a4ca8a2e1d72add2167818f955f5a | shasum -a 256