Citaat | Hoge Raad 4 oktober 2019
Onder 4.3.3 Hoge Raad 4 oktober 2019
Een alinea uit Hoge Raad 4 oktober 2019, ECLI:NL:HR:2019:1499.
Het onderdeel neemt terecht tot uitgangspunt dat een verbintenis uit onverschuldigde betaling na vernietiging van de overeenkomst geen primaire betalingsverplichting is. De wettelijke handelsrente als bedoeld in art. 6:119a BW is derhalve niet van toepassing op de door [verweerster 1] gevorderde bedragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ce692f8919ad7b4aaa09231c62129a2fa204bd2e0ba5b101885dc56d7fa26141. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ce692f8919ad7b4aaa09231c62129a2fa204bd2e0ba5b101885dc56d7fa26141, en de alinea staat in dat document op bytes 47105 tot 47425.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ce692f8919ad7b4aaa09231c62129a2fa204bd2e0ba5b101885dc56d7fa26141 | shasum -a 256