Citaat | Hoge Raad 29 oktober 2019
Onder 3.2.1 Hoge Raad 29 oktober 2019
Een alinea uit Hoge Raad 29 oktober 2019, ECLI:NL:HR:2019:1638.
“95. Daarbij is tot slot van belang dat bij de behandeling van deze zaak sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn. Het vonnis is immers gewezen op 25 maart 2017 en tegen de tijd dat Uw Hof in deze arrest zal wijzen zullen er minimaal twee jaar en acht maanden zijn verstreken. Een lange periode die niet wordt gerechtvaardigd door het in hoger beroep uitgevoerde onderzoek, waarin [verdachte] in voortdurende onzekerheid heeft geleefd over de uitkomst van deze zaak en waarin hij onder andere middels de VOG-kwestie ook steeds geconfronteerd is met die zaak.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb62fcda61e94860a9dda4759e1d20b92adb71c7a5a39bfab10baab15eecdc9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb62fcda61e94860a9dda4759e1d20b92adb71c7a5a39bfab10baab15eecdc9c, en de alinea staat in dat document op bytes 7596 tot 8189.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fb62fcda61e94860a9dda4759e1d20b92adb71c7a5a39bfab10baab15eecdc9c | shasum -a 256