Citaat | Hoge Raad 22 november 2019
Onder 2.6 Hoge Raad 22 november 2019
Een alinea uit Hoge Raad 22 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1830.
Een beding dat (uitsluitend) voorkomt op de lijst in de Bijlage bij Richtlijn 93/13 behoeft niet noodzakelijkerwijs als oneerlijk te worden beschouwd. Met betrekking tot een dergelijk beding dient te worden nagegaan of het in de context die aan de orde is, een aanzienlijke en ongerechtvaardigde verstoring oplevert van het evenwicht in de zin van art. 3 lid 1 Richtlijn 93/13. Het oordeel dat dit het geval is, behoeft een specifieke motivering waarin wordt ingegaan op de relevante omstandigheden van het geval, waaronder de aard en de overige inhoud van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen en de wederzijds kenbare belangen van partijen en het kennelijke doel van de wijzigingsbevoegdheid. Het hof verwijst naar HR 21 september 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW6135 en HR 29 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:769. (rov. 3.7)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2525fa3a5115b99025cda21d3ceabfa8bfe43f75e4c0cebdf5e10eb7d0cf7385. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2525fa3a5115b99025cda21d3ceabfa8bfe43f75e4c0cebdf5e10eb7d0cf7385, en de alinea staat in dat document op bytes 18066 tot 18926.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2525fa3a5115b99025cda21d3ceabfa8bfe43f75e4c0cebdf5e10eb7d0cf7385 | shasum -a 256