Citaat | Hoge Raad 6 december 2019
Onder 3.17. Hoge Raad 6 december 2019
Een alinea uit Hoge Raad 6 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:1844.
Ten aanzien van de resterende grieven oordeelt het hof als volgt. In grief 3 betoogt [eiser] dat TGB niet had mogen overgaan tot liquidatie van zijn portefeuille zoals zij dat feitelijk gedaan heeft en in grief 8 stelt [eiser] de wijze waarop TGB de posities heeft geliquideerd voor hem onjuist en (zeer) ongunstig is geweest. Hij betwist dat hij gehouden is aan de opgaaf zoals door TGB is verstrekt. Bij deze grieven heeft [eiser] geen belang meer aangezien het hof hiervoor geoordeeld heeft dat TGB in beginsel aansprakelijk is voor de schade als gevolg van de schending van de op haar rustende bijzondere zorgplicht (waaronder de naleving van de marginverplichtingen), tot welke schade het tekort hoort dat het gevolg is van het niet juist naleven van de marginverplichtingen. In de eventuele schadestaatprocedure kan beoordeeld worden in hoeverre schade is geleden als gevolg van het niet naleven van de zorgplicht door TGB enerzijds en in vergelijking tot de feitelijke liquidatie anderzijds.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc75b1be10a928c21492c2e53b354dc1648a53ae166a69294626f38967de534b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc75b1be10a928c21492c2e53b354dc1648a53ae166a69294626f38967de534b, en de alinea staat in dat document op bytes 15609 tot 16623.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cc75b1be10a928c21492c2e53b354dc1648a53ae166a69294626f38967de534b | shasum -a 256