Citaat | Hoge Raad 29 november 2019
Onder 3.1.3 Hoge Raad 29 november 2019
Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1869.
De hiervoor in 3.1.2 aangehaalde tekst en strekking van art. 7:613 BW brengen mee dat wanneer de werkgever zich beroept op een eenzijdig wijzigingsbeding, de rechter – met inachtneming van alle omstandigheden van het geval – moet beoordelen of het belang van de werkgever bij wijziging van de arbeidsvoorwaarde, ten opzichte van het belang van de werknemer bij ongewijzigde instandhouding van de arbeidsvoorwaarde, zodanig zwaarwichtig is, dat het belang van de werknemer op gronden van redelijkheid en billijkheid moet wijken voor het belang van de werkgever. Het gaat bij de toepassing van art. 7:613 BW dus om een belangenafweging, waarbij geldt dat een arbeidsovereenkomst alleen ten nadele van de werknemer kan worden gewijzigd indien voldoende zwaarwegende belangen aan de zijde van de werkgever dat rechtvaardigen. Bij deze belangenafweging wordt het in het gegeven geval voor het doorvoeren van de wijziging vereiste gewicht van de belangen van de werkgever mede bepaald door het gewicht van de belangen van de werknemer die daartegenover staan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/926852ec96502e8ba56ebef28756d25488f382e4316f63a086cddcace9f9b077. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 926852ec96502e8ba56ebef28756d25488f382e4316f63a086cddcace9f9b077, en de alinea staat in dat document op bytes 18732 tot 19802.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/926852ec96502e8ba56ebef28756d25488f382e4316f63a086cddcace9f9b077 | shasum -a 256