Citaat | Hoge Raad 13 december 2019

Onder 3.1.4 Hoge Raad 13 december 2019

Een alinea uit Hoge Raad 13 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:1948.

De in deze procedure aan de orde zijnde bevoegdheid van de rechter-commissaris betreft niet het toezicht dat deze houdt op de taakvervulling van de bewindvoerder zoals bedoeld in art. 314 Fw. Het gaat immers niet om een beslissing die verband houdt met het toezicht op die taakvervulling, maar om een zelfstandige, discretionaire, bevoegdheid van de rechter-commissaris om de ingevolge art. 349a lid 1 Fw geldende termijn van de schuldsaneringsregeling te wijzigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/95db6edf067b6455d905f03cd7f16a77f264d4b6bbf1f99ebc5b347a1006fd6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 95db6edf067b6455d905f03cd7f16a77f264d4b6bbf1f99ebc5b347a1006fd6f, en de alinea staat in dat document op bytes 15737 tot 16216.