Citaat | Hoge Raad 5 maart 2019

Onder 2.2. Hoge Raad 5 maart 2019

Een alinea uit Hoge Raad 5 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:246.

Op 13 juni 2014 was ik belast met het onderzoek naar de mishandeling van aangeefster [betrokkene 1] door verdachte [verdachte] . Op 13 juni 2014 omstreeks 11.30 uur zag ik dat aangeefster [betrokkene 1] op haar linkerwang een rode plek had zitten. Ik vroeg aan aangeefster [betrokkene 1] of dit was van gisterenavond 12 juni 2014. Ik hoorde aangeefster zeggen dat dit van gisterenavond was. Ik heb van dit letsel foto's gemaakt Deze foto's zijn toegevoegd als bijlage aan dit proces-verbaal van bevindingen onder de nummers 1 en 2. Op bijlage 2 is de rode plek aangegeven met een pijl. Ik hoorde aangeefster zeggen dat ze naar aanleiding van de mishandeling op 30 mei 2014 nog een foto had staan op haar telefoon van de blauwe plek onder haar sleutelbeen. Ik heb deze foto via de whatsapp doorgestuurd gekregen van aangeefster [betrokkene 1] en deze toegevoegd aan dit proces-verbaal van bevindingen onder nummer 3.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bdcee63d2b0fc3b2b7d4bac9a957f83882951e3d9d8bb9c5ac142bb8ae3f275. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bdcee63d2b0fc3b2b7d4bac9a957f83882951e3d9d8bb9c5ac142bb8ae3f275, en de alinea staat in dat document op bytes 9596 tot 10524.