Citaat | Hoge Raad 5 maart 2019
Onder 2.2. Hoge Raad 5 maart 2019
Een alinea uit Hoge Raad 5 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:246.
Ik heb telefonisch contact opgenomen met [betrokkene 1] . Ik hoorde haar huilen en ze was helemaal over haar toeren. Ze zou geslagen zijn in haar gezicht door [verdachte] . Ze was enorm bang en ze vertelde me dat we moesten komen omdat [verdachte] voor de voordeur stond. Vervolgens heb ik tegen [betrokkene 1] gezegd dat ze de voordeur moest openen omdat de collega's van politie DAS voor haar woning stonden. Ik hoorde dat verbalisant [verbalisant 3] een gesprek aanging met [betrokkene 1] en dat hij om versterking vroeg omdat [verdachte] werd aangehouden."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bdcee63d2b0fc3b2b7d4bac9a957f83882951e3d9d8bb9c5ac142bb8ae3f275. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bdcee63d2b0fc3b2b7d4bac9a957f83882951e3d9d8bb9c5ac142bb8ae3f275, en de alinea staat in dat document op bytes 12897 tot 13470.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8bdcee63d2b0fc3b2b7d4bac9a957f83882951e3d9d8bb9c5ac142bb8ae3f275 | shasum -a 256