Citaat | Hoge Raad 22 februari 2019
Onder 2.6 Hoge Raad 22 februari 2019
Een alinea uit Hoge Raad 22 februari 2019, ECLI:NL:HR:2019:271.
b. “toelichten waarom wie ter zake van welke stelling de bewijslast heeft te dragen en wie ter zake van welke stelling op voorhand in zijn of haar bewijslast geslaagd moet worden geacht.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d458fd1ebcd71fc749cf86c36fcab7af3dad68e69e38bcd854b8e027b1d7c2b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d458fd1ebcd71fc749cf86c36fcab7af3dad68e69e38bcd854b8e027b1d7c2b8, en de alinea staat in dat document op bytes 27830 tot 28034.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d458fd1ebcd71fc749cf86c36fcab7af3dad68e69e38bcd854b8e027b1d7c2b8 | shasum -a 256